Uit de praktijk

Met ambities als ‘geen enkel kind en geen enkele volwassenen mag nog met geweld in huis te maken krijgen’ zijn er in onze regio tal van projecten en programma’s uitgerold. We zetten de aanpak van Regio Amsterdam-Amstelland, Blijf Groep en Prinsenstichting in de spotlights.

De aanpak van Regio Amsterdam-Amstelland

Integrale hulpverlening om de veiligheid te herstellen

“De omvang van huiselijk geweld en kindermishandeling is ook in onze regio helaas enorm, een maatschappelijk probleem dat we alleen met elkaar kunnen oplossen. Vanuit onze gemeentelijke zorgplicht willen we de veiligheid van alle inwoners van Amsterdam-Amstelland kunnen waarborgen. Onze eerste regioaanpak ‘Op weg naar duurzame veiligheid 2015-2020’ was vooral gericht op het opzetten en goed inrichten van Veilig Thuis en het Centrum Seksueel Geweld en de implementatie van de vernieuwde Meldcode. Dit zorgde daadwerkelijk voor een toename van het aantal meldingen en verhoogde daarmee de zichtbaarheid van huiselijk geweld en kindermishandeling (HGKM). Met de tweede regioaanpak ‘Veiligheid voor elkaar 2020-2024’ is onze ambitie: geen enkel kind, geen enkele volwassene krijgt nog te maken met geweld in huis. Dat vraagt om een preventieve, integrale en systeemgerichte benadering. Speerpunten hiervan zijn het zichtbaar en bespreekbaar maken van HGKM, het investeren in verantwoord ouderschap en veilige relaties en het stoppen en structureel oplossen van geweld.

Doel is een regionale beweging in gang te zetten, ondersteund door maatschappelijke organisaties die al veel vertrouwen genieten. Met elkaar willen we ervoor zorgen dat zowel professionals als bewoners weten waar ze heen moeten om een melding van HGKM te maken of daarover een laagdrempelig gesprek te voeren. Publieke professionals zoals leerkrachten, medewerkers van woningcorporaties, jeugdwerk en de thuiszorg beschikken over waardevolle contactmomenten. Zij kunnen risicofactoren als mogelijke voorlopers van geweld binnen een gezin te signaleren. Ook die sensitiviteit kun je verder ontwikkelen. Is een gezinssituatie structureel onveilig? Dan kunnen zowel kinderen als volwassenen met het PIBBH-gezinsplan (Programma Integrale Behandeling en Begeleiding Huiselijk Geweld, red.) rekenen op integrale hulpverlening om hun veiligheid te herstellen en te waarborgen, laagdrempelig en – indien nodig – direct op te schalen.”

WIE IS ER HIER AAN HET WOORD?

Jody Beltman
Regionaal projectleider Gemeente Amsterdam

Beltman is regionaal projectleider Geweld Hoort Nergens Thuis in opdracht van de Gemeente Amsterdam (regio Amsterdam-Amstelland). Ze werkt voor wethouder Simone Kukenheim (Zorg, Jeugd(zorg), Beroepsonderwijs en Sport). Beltman studeerde onder meer Arbeids- en Organisatie­psychologie aan de Universiteit van Amsterdam.

Wegkijken is geen optie

“Het leven in de stad is complex en anoniem, leed speelt zich af achter gesloten deuren. Ik vind dat het aan ons allen als maatschappij is om alert te zijn. Daarom vragen we iedereen, dus niet alleen professionals, sensitief te zijn en signalen die duiden op mishandeling te melden. Wegkijken is geen optie.”

De aanpak van Blijf Groep

Zeven jaar tussen eerste klap en hulpvraag

“Huiselijk geweld stopt bijna nooit vanzelf en daarom is het zo belangrijk signalen die erop duiden adequaat te interpreteren. Zo vroeg mogelijk ingrijpen is cruciaal. Signalenkaart.nl biedt een goed overzicht van mogelijke tekens van onveiligheid. Realiseer je dat huiselijk geweld vele variaties kent. Het gaat niet alleen om lichamelijk geweld tussen partners of naar kinderen toe. Ouders kunnen mishandeld worden door hun (volwassen) kinderen, hulpbehoevende ouderen door hun verzorgers. Er kan sprake zijn van financiële uitbuiting of eer-gerelateerd geweld. Er zijn risicogroepen, zoals transgenders, die extra kwetsbaar zijn en bovengemiddeld vaak slachtoffer worden van agressie.

Slachtoffers zijn er niet altijd aan toe te praten over hun situatie, hoe onveilig die ook lijkt te zijn. Ze zijn meestal loyaal aan hun partner of het gezin en zullen een terugtrekkende beweging maken als je niet respectvol met die keuze omgaat. Merk je echter dat iemand haar of zijn verhaal wél kwijt wil, maar het lastig vindt met jou of een instantie te praten, dan is anoniem het hart luchten een optie. Dat kan bijvoorbeeld bij de ervaringsdeskundigen van Hear my Voice of Open de Voordeur.

Tussen de eerste klap en het moment dat iemand daarvoor hulp zoekt, zit gemiddeld zeven jaar. De gevolgen van zo lang in onveiligheid leven, zijn voor alle betrokkenen groot. Zelfs doorgewinterde hulpverleners vinden het niet altijd eenvoudig ingesleten geweldspatronen zichtbaar te maken en te bespreken. Vaak zijn ze toch wat huiverig voor eventuele reacties van hun cliënten en bang hun vertrouwen kwijt te raken. Ons advies is altijd collegiaal te overleggen. Blijf Groep traint professionals in het signaleren en bespreekbaar maken van huiselijk geweld. Stel, bij vermoedens van een onveilige situatie, open vragen en oordeel niet, maar hou het bij jezelf. Uit je zorgen en laat weten dat je er, in geval van nood, voor diegene bent. Daarmee kun je al het verschil maken.”

WIE IS ER HIER AAN HET WOORD?

Christel Dingerdis
Blijf Groep

Dingerdis is manager Primair Proces bij Blijf Groep en eindverantwoordelijk voor continuïteit en kwaliteit van de dienstverlening.
Van 2002 tot 2018 werkte ze bij Cordaan in verschillende managementfuncties. Ze studeerde Bestuurskunde aan de VU Amsterdam en behaalde een MBA aan de Business School Nederland.

Onveilig online

Ook online bestaan er onveilige situaties. Samen met drie andere vrouwenopvangorganisaties heeft Blijf Groep haar expertise op dit gebied gebundeld in safetyNed: hou het digitaal gedrag van je cliënten goed in de gaten en maak een plan voor hun online veiligheid. Wie bijvoorbeeld haar of zijn locatie niet uitzet, is voor een stalker gemakkelijk te vinden.

De aanpak van Prinsenstichting

Indicaties op maat voor het hele gezin

“Een verstandelijke beperking is een risicofactor voor huiselijk geweld en kindermishandeling (HGKM). Nietaltijd, maar wel vaak gaat het om LVB-jongeren én LVB-ouders, wat een dynamiek oplevert die hen extra vatbaar maakt voor HGKM. Een andere reden waarom LVB’ers vaker in de HGKM-statistieken voorkomen is dat ze minder goed zijn in het camoufleren van problemen. Prinsenstichting houdt zich natuurlijk aan de Meldcode, maar deze groep verdient een wat andere benadering. We zetten daarom allereerst in op investeren in de relatie met het gezin. Het winnen van vertrouwen is daarbij cruciaal. Mensen met een verstandelijke beperking zijn in hun leven al tegen heel wat barrières aangelopen, met meestal traumatische ervaringen tot gevolg. Ze ervaren zelden positieve bekrachtiging. Hoe kun je een goede ouder zijn als je stelselmatig wordt onderschat, en maar al te vaak te horen hebt gekregen dat je tekortschiet?

Prinsenstichting werkt, in gevallen van huiselijk geweld, met indicaties op maat, waarbij we goed naar zowel het kind als de ouder kijken. Bij de intake nemen we het hele systeem rondom een gezin mee in onze beschouwing. Wat is de voorgeschiedenis van de ouders? Zijn er medische aspecten? Het palet dat we kunnen aanbieden is breed, van psychotherapie tot ergotherapie, van mondzorg tot fysiotherapie en ook: Infant Mental Health (IMH). Als er speciaal onderwijs haalbaar is, onderzoeken we met ouders en het Samenwerkingsverband Onderwijs wat de beste plek is voor het kind. Verder bieden we ouders ondersteuning om hun opvoedingsbekwaamheid te vergroten. Een integrale aanpak en een zorgvuldige afweging van iedere hulpvraag biedt deze gezinnen uiteindelijk een beter en duurzaam toekomstperspectief. Dat is onze overtuiging vanuit Gentle Teaching als organisatievisie.”

WIE ZIJN ER HIER AAN HET WOORD?

Marieke ’t Hart
Prinsenstichting

’t Hart is orthopedagoog en IMH-specialist in opleiding. Ze studeerde aan de Hogeschool Windesheim en de Universiteit van Amsterdam. Ze is sinds 2018 werkzaam bij Prinsenstichting.

Cécile Blansjaar
Prinsenstichting

Blansjaar is orthopedagoog en GGZ-psycholoog i.o. Ze behaalde haar graad in orthopedagogiek aan de Universiteit van Amsterdam. Ze is sinds 2017 werkzaam bij Prinsenstichting.

Omgaan met heftige emoties

Intervisie, supervisie en reflectie zijn belangrijk als je met HGKM geconfronteerd wordt. De afwegingen die je moet maken, kunnen binnen het gezin gepaard gaan met heftige emoties die je raken. Dan is het belangrijk dat je als hulpverlener ook goed voor jezelf zorgt en steun zoekt bij collega’s en het thuisfront.